Categorie archief: genealogie

Gaan we nou nog terugkomen of niet?

Dat wordt ons – soms bedekt, soms rechtuit – gevraagd. Vorig jaar herfst waren we het erover eens dat we terug zouden gaan dit jaar. We zouden in augustus ons huis te koop zetten en dan in november of december naar Nederland verhuizen, naar een appartement in het centrum van Rotterdam. Leo wil hoog en pal in het centrum en ik wil vooral een dakterras en op loopafstand van de winkels. Daar komt natuurlijk het eerste probleem al om de hoek kijken. Op 10-15 hoog heb je natuurlijk geen dakterras en als je in het centrum 1- of 2- hoog zit met dakterrras, is het altijd zo donker met al die gebouwen om je heen. We hebben een poosje geflirt met de Markthal tot we zagen dat de ene kant weliswaar naar het zuiden uitkijkt, maar dat er een groot gebouw voor zit en dat de andere kant niet alleen naar het Noorden uitkijkt, maar dat er ook nog eens een grote flat voor gepland is! Ik heb naar flats in de Hofdame gekeken en naar een flat op de Botersloot met een gemeenschappelijke tuin, maar dan heb je niet eens een balkon! Die woningen in het nieuwe Stadstimmerhuis leken ons wel wat, maar die zijn intussen allemaal weg…. Goed: we laten die huizen even zitten en gaan naar de motieven.
In de eerste plaats hebben we het hier allebei erg naar onze zin, NOG wel. Als de kinderen allemaal minstens 2x per jaar komen en we krijgen vrienden en allerlei familie, is het hier fantastisch. In de zomer wonen we hier in een paradijsje. In de winter wonen we hier in een kerstkaart. Ik vind het heerlijk om 5-6 uur per dag in de tuin te werken, lange wandelingen te maken zonder iemand tegen te komen en te zwemmen in kristalheldere meren NOG wel en ’s winters een beetje te naaien en genealogie te doen zolang mijn ogen het nog doen. Leo vindt het heerlijk om wat op de Universiteit te rommelen en ’s winters om de hele voetbalcompetitie te volgen als hij niet ziek wordt. We hebben leuke buren en vrienden hier alleen geen kinderen Als Ostergötland in Zuid-Holland lag, zouden we niet erover piekeren om terug te komen.
Toen we hier kwamen wonen, heb ik bedongen dat ik 1x per maand naar Nederland kon gaan. Ik wil betrokken zijn bij het leven van onze kinderen. Ik vind het heerlijk om te zien hoe ze alle vier met hun karakter vorm hebben gegeven aan hun leven en op hun eigen manier met hun omgeving en hun kinderen omgaan. Ik hou ook veel van onze schoonkinderen en ben hun uiterst dankbaar dat ze onze kinderen zo gelukkig maken. En dan de kleinkinderen! Ik weet uit ervaring hoe snel kinderen opgroeien en dat je moet genieten van het proces. Natuurlijk is Leo voor mij het allerbelangrijkste, daarom heb ik ook zonder met mijn ogen te knipperen gezegd dat ik met hem mee naar Zweden zou gaan. Dat 1x per maand naar Nederland kan nu niet meer. In de winter kan ik Leo eigenlijk geen dag alleen laten. Eten klaarmaken gaat nog wel, maar de kachel moet aan en hij kan geen hout sjouwen, sterker nog: hij moet zo min mogelijk aan afkoeling bloot staan. Dan heb ik het nog niet eens over sneeuw schuiven….. Toen mijn vader in maart van dit jaar overleed, ben ik wel naar de begrafenis gegaan, maar meteen de volgende dag weer teruggekomen. Als Leo me niet bezworen had dat hij gewoon een dag alleen kon zijn voor deze gelegenheid, was ik niet gegaan. Daar komt nog bij dat we nu ook niet meer samen kunnen reizen sinds Leo bloeddialyse heeft. Hij moet iedere drie dagen gedialyseerd worden en een gastdialyse regelen in een ander ziekenhuis kan wel, maar is een administratief uiterst ingewikkelde procedure. Omdat Leo op 2 september een promotie heeft in Nederland waar hij in de commissie zit, hebben we nu geregeld dat hij in het Franciscusziekenhuis wordt gedialyseerd 2x, maar het heeft drie maanden geduurd voor het rond was. De lust om spontaan er even uit te gaan wordt op deze manier grondig de grond ingeboord. We wilden dus naar Nederland. Ik heb mijn huis al flink opgeruimd, winterkleren zitten in dozen in de garage, MAAR…. toen werd het lente en mooi weer en de plantjes begonnen te groeien en Leo knapte op. Leo is aan een project bezig dat tot volgend jaar april duurt en hij heeft de hoop van een transplantatie niet opgegeven. AL onze kinderen kwamen hierheen met hun kinderen en we konden allebei volop genieten. Voor Leo hoeven we niet terug naar Nederland, hij wil hier wel blijven. Mijn kinderen hebben me allemaal gewaarschuwd dat ik echt een lapje grond moet hebben als we verhuizen, want ik word heel blij van plantjes arrangeren en laten groeien. Ze zijn bang dat een balcon niet genoeg is voor mij. Mijn hele leven lang heb ik me niet door angst laten leiden bij het nemen van beslissingen en dat weiger ik nu ook. Waar ik wel bang voor ben is, dat we op een gegeven moment niet meer terug KUNNEN, of dat de kinderen allemaal een week of twee vrij moeten nemen om ons te helpen verhuizen, daar ben ik bang voor. Don’t fence me in, daar ben ik allergisch voor. Bovendien kan ik ook wat krijgen! Om ziek te worden ben ik niet zo bang, maar ik ben nogal onhandig en een enkel of een heup is zo gebroken op deze leeftijd. Maar goed, we hebben de beslissing genomen om volgend jaar in augustus ons huis te koop te zetten en van de winter een mannetje alle plafonds en de meeste muren te verven, om de vloeren te laten slijpen en om de buitengevel schoon te laten maken, hier en daar een likje verf, zulke klusjes, zodat het huis er op en top uitziet volgend jaar en dan blijven we er gewoon nog een jaar in wonen. Voor de rest zien we wel. Het vliegveld van Linköping is vlakbij en als er af en toe een kind komt voor een weekendje en in de vakanties, houd ik het wel uit om opgesloten te zitten op het platteland. Tenslotte hebben we email, telefoon en, o wonder, SKYPE!
2012-12-24_11.52.37

Ondergedompeld…

Mijn tante in Australië is de enige zus van mijn moeder. Mijn moeder was 11 jaar ouder. Nu is een zus van 11 jaar ouder vanzelf al behoorlijk dominant, maar mijn moeder als zus van 11 jaar ouder was toch wel SUPERdominant. Mijn tante heeft een boek geschreven dat over haar leven gaat. Gisterochtend is het aangekomen met de post en ik heb bijna alleen maar zitten lezen tot zonet. Mijn logje over de kopermijnen in Falun is niet geschreven, mijn logje over het verplaatsen en op blokken zetten van ons logeerhuisje is niet geschreven. Het logje dat ik in gedachten heb over gebarentaal bij babies moet nog maar even wachten. De strijk is niet gedaan. Ik heb zelfs geen gras gemaaid. Ondergedompeld ben ik geweest in het leven van mijn moeder en mijn tante. Nu heb ik het boek uit en nu moet ik alles ook nog een plaatsje geven, pfffff. Er komt vast wel weer een logje hoor, maar nu even niet. Ik heb familieperikelen om te verwerken.

PAUZEXXXXPAUZEXXXXPAUZEXXXXXPAUZEXXXXXPAUZEXXXXXX Maar niet te lang hoor, ik beloof het

And so this is Christmas……..

Behalve de kerstversiering en de muziek op de radio, hebben we er niet veel van gemerkt. Ik heb op het laatste moment besloten om toch niet naar de levende kerststal te gaan. Ten eerste begon hij een uur eerder dan ik had onthouden en toen moest ik me vreselijk haasten, ten tweede is Leo nog steeds niet in orde en ik wil gezellig bij hem zijn. Ik ben vanmorgen zelfs niet naar de kerk gegaan, dat komt echt zo vaak niet voor… Vooral ’s nachts heeft hij het benauwd en is alles hem te veel. Als hij dan tenslotte in slaap valt, wordt hij wakker met ijskoude handen en voeten en die warmen maar matig op. Hij stelde gisteren zelfs voor om op het logeerbed te gaan liggen, maar toen heb ik gezegd dat ìk daar dan wilde slapen, dan heeft hij de ruimte. Bovendien is de tv op die kamer. Nu kunnen we de TV niet ontvangen hoor, want de ontvanger ligt onder de sneeuw, maar ik vind het heerlijk om DVD-tjes te kijken af en toe. Zo hebben we na 41 1/2 jaar huwelijk in hetzelfde huis geslapen en niet in hetzelfde bed.
Vorig jaar hebben we er op het blog van , ik meen Toaske, nog een hele discussie over samen of apart slapen gehad en of dat een teken aan de wand was. Als het een teken aan de wand is, is het dat in ieder geval niet in verband met onze relatie. Nu ga ik gezellig hier thuis dan maar Schriftlezen en straks ga ik Pride and Predudice kijken, alle zes de delen achter elkaar! en logjes lezen, kom ik eindelijk een keer bijgelezen Misschien heb ik zelfs nog wel even tijd om wat genealogie te doen op de computer……….

Dramaqueen…

Sta ik helemaal alleen te strijken en ik heb een DVD opgezet. Ik heb hem al een paar keer gezien. Het gaat over een familie met een stuk of vijf kinderen, die naar een ander deel van Amerika gaat verhuizen. De vader reist met de oudste zoon vooruit om vast te gaan planten en de moeder reist er met de andere kinderen een paar maanden later achteraan. Dan gebeurt het: De moeder en de kinderen komen aan en de jongste twee springen van de wagen af en rennen hun vader tegemoet. De ouders kijken elkaar aan over de hoofden van de kinderen heen en dan sta ik te tranen met tuiten te huilen boven de strijkplank! Dramaqueen! Dan moet ik denken aan mijn familie die in 1820 van Monnickendam naar de veenkoloniën in Drenthe verhuisde en hun geboortestad en familie daar NOOIT meer terug hebben gezien. Vroeger was je ook echt helemaal afgesloten van alles als je wegging. Brieven deden er soms ook weken over. Op de een of andere manier kan ik me nu ik hier zit veel beter voorstellen wat dat moet hebben betekend. Evenzogoed: Overdreven om daar om te gaan staan grienen….. Hebben jullie zoiets nou ook wel eens?

Hier zie je de trailer van de film. Jammer genoeg staat HET moment er niet op……

Was het moeilijk om mijn baan op te geven? (Deel 17, Mariam)

Mariam(geen blog) die mij al een hele tijd volgt, had de volgende vragen:

Toen Leo zijn aangeboden baan in Zweden aannam (ik ben ervan overtuigd dat jullie dat besluit samen genomen hebben), lag het uiteraard voor de hand dat jij jouw praktijk en werk op moest geven. Hoe moeilijk was dit besluit voor jou?
Want ik heb ondertussen wel begrepen dat jij met heel veel plezier, inzet en overgave jouw beroep uitoefende. Het was niet alleen je beroep van logopediste, maar ondertussen was het een heel gespecialiseerd ‘bedrijf’ geworden, je levenswerk.

Ik heb altijd op het standpunt gestaan dat iets goed moet doen of je moet het niet doen. Ik heb met zeer veel plezier in de kinderrevalidatie gewerkt, met hart en ziel. Daarna, toen de oudste naar Middelbare School ging, merkte ik dat ik mezelf in een spagaat voelde komen. Ik zat op mijn werk en zij kwam in een leeg huis!. Ik wilde een een flexibeler rooster hebben, dus ben ik een eigen praktijk gestart. Daar kon ik werken op de uren dat de kinderen naar school waren. Ook daar heb ik met hart en ziel gewerkt, ik heb de Sensorische Integratie op logopedie toepasbaar gemaakt en veel uitleg en hulp kunnen bieden aan (o.a hoogbegaafde) kinderen met of zonder prikkelverwerkingsproblemen. Toen kreeg ik kleinkinderen. Ik heb altijd gezegd dat ik een dag per week op mijn kleinkinderen zou passen. Toen ik de 60 naderde, had ik 4 kleinkinderen. Dat betekende 2 dagen oppassen. Mijn lenigheid ging ook iets achteruit (ik kon niet meer van de trampoline koppeltje duikelend overeind komen, in de ballenbak moest ik helemaal in kruiphouding voor ik overeind kwam) en ik merkte dat het hebben van een praktijk, het hebben van een zaak en het oppassen te veel werd. En als je te veel doet, doe je niets meer goed. Dus toen ik 60 werd, heb ik een knalfeest gegeven (Op Pinksterzaterdag!!) en afscheid genomen als logopediste. 1 (één!) week later kwam Leo uit zijn werk met de vraag of ik er bezwaar tegen had om een paar jaartjes in Zweden te wonen. Zonder met mijn ogen te knipperen heb ik ja gezegd!! Alleen SIGMA moest dus nog overgedaan worden. Gelukkig wilde Marieke, die mijn praktijk overnam, ook SIGMA gaan doen. Het doet me wel deugd dat mijn levenswerk, zoals jij het noemt Mariam, door verscheidene mensen wordt voortgezet. Marieke heeft een logopedische praktijk met sensorische Integratie en heeft dus ook mijn handeltje overgenomen, maar mijn dochter Lieke geeft nu als ontwikkelingspsycholoog cursussen aan leerkrachten over hoogbegaafdheid!

Een vraag hieraan verwant, mis je je praktijk (het werken met mensen) of geniet je nu van alle dingen die je doet, waar je vroeger niet aan toe kwam?

Het tweede antwoord volgt uit het eerste. Als ik het doe, doe ik het goed. Ik heb me nu helemaal op mijn tuin en dit huis gestort en inderdaad, hier heb ik wel altijd van gedroomd. Wat ik eigenlijk voornamelijk mis is kinderen. Nu mijn zweeds beter wordt, kan ik ook met kinderen al aardige gesprekken voeren. Ik heb hier trouwens al een meisje behandeld, in het Zweeds met ouders die ook engels praten als het moet. Verder geef ik Jessica (mijn nederzweedse bijdochter) af en toe een adviesje links en rechts. In Nederland (als ik er ben), behandel ik ook af en toe een kind, dus ik doe nog wel wat. Ik heb ervan genoten toen ik nog werkte en toen ik er niet meer onvertogen van genoot, ben ik gestopt. Ik weet dat ik in een luxe positie zit wat dat betreft en ik ben er erg dankbaar voor dat ik het zo kan doen, dat wel.
Ik wil nog:
– een boek schrijven over mijn ervaring met kinderen en hoe bijzonder ze zijn,ik oefen af en toe op mijn blog
– een familiegeschiedenis schrijven,
– leren naaien op een naaimachine,
– mijn genealogie verder uitzoeken,
– van alles wecken en koken en vriezen en daarover bloggen,
– MIJN GASTENHUISJE SCHOONMAKEN EN VERVEN(misschien tweede Pinksterdag beginnen)
– enz. enz.

WE-300 Familiebanden

Beide overgrootvaders van moederszijde waren zware alcoholisten. Mijn oma’s vader was bakker en had een hele goede baan. Door zijn dronkenschap is hij alles kwijtgeraakt, heeft zelfs een poosje in de gevangenis gezeten. Daarna zijn ze met het hele gezin naar Rotterdam gegaan om opnieuw te beginnen. Hij werd 96 jaar. Toen hij lang en breed in het bejaardencentrum zat, is hij een keer ontsnapt en heeft zich vol laten lopen in een naburig café. Mijn overgrootvader + de rekening werden daarna aan het bejaardenhuis afgeleverd!
Mijn opa’s vader was kerktorenspitsenbouwer. Kerken werden van steen gebouwd, maar de spitsen waren van hout. Hoewel mijn overgrootvader vaak dronken was, heeft hij ook tijdens de crisisjaren altijd werk gehad, zo goed was hij. Mijn opa had een aantal oudere zussen die goed van de tongriem gesneden waren (en ook sterk!)en hun vader soms flink van katoen gaven. Het schijnt dat hij een keer van de trap is gegooid door een van die meiden toen hij dronken thuiskwam.
Ik ben altijd erg geïnteresseerd geweest in de moederskant van de familie. Ik heb de namen van 10-11 generaties teruggezocht. Omdat ik op hen lijk, drink ik helemaal geen alcohol en is het na tien jaar eindelijk gelukt met roken te stoppen, nu alleen de computerspelletjes nog.

Mijn vaders kant van de familie komt uit Zeeland. Hoewel ik in eerste instantie niet geïnteresseerd was in die kant (kleine boeren), ben ik toch maar aan zijn genealogie begonnen. Tot mijn stomme verbazing kwam ik daar op de lijn van Wolffert van Borssele uit! Hij zit in de zgn. Koningslijn, stamt af van Karel de Grote die weer afstamt van Juda en daardoor ook van Adam en Eva.
Uiteindelijk doen we dàt allemaal, maar het is heel bijzonder als ineens de naam van Juda als voorouder op je computerschermpje verschijnt!