Categorie archief: boek schrijven

En oooo, wat ben ik TROTS op hem………

Mijn man is een echte geleerde! In China is een boek uitgegeven,een soort bijbel over de ecologie daar, waarin hij een hoofdstuk heeft geschreven. Hij werd uitgenodigd toen het boek gepresenteerd werd, maar toen waren we in Sao Paolo en nu kan hij er nooit meer naartoe. De Engelse vertaling is nu ook uitgegeven en we hebben een exemplaar toegezonden gekregen.


Met het boek is ook de folder meegekomen en in die folder wordt hij speciaal vermeld als Leenard Baas, Sweden. Toen hij eerder in China was, werd hij aangesproken door een aantal mensen die hem kenden van zijn eerdere publicaties. In China wonen natuurlijk een heeeeleboel mensen, daar denken we nooit zo over na, maar zo’n boek kan op heel wat lezers rekenen. Het is ook een hele grote uitgeverij, zo’n wolkenkrabber. Hij vertelde ook dat daar flink wat steden zijn met meer dan een miljoen inwoners waar wij in het westen nog nooit van hebben gehoord.

Hoe dan ook: het is een geweldige prestatie en ik ben trots op hem.
Ondertussen is hij weer halve dagen aan het werken (sinds gisteren) en tot nu toe gaat het redelijk goed. Het is een echte ouwe taaie geleerde

Ondeugende kinderstreken deel 5: de graafmachine


Bij ons op de mytylschool in Dordrecht zat een jongetje dat een 1 kant heel spastisch was. Daarnaast kon hij niet praten, maar verder was hij levendig genoeg. Zoals zoveel kinderen met een handicap, ontwikkelde hij zich niet gelijkmatig. Op sommige dingen was hij erg ver achter, maar andere dingen kreeg hij prima voor elkaar. Hij was werkelijk PANISCH van Sinterklaas en de Pieten, maar volkomen gefascineerd door alles met wielen wat bewoog. Hij was al een jaar of 9 en best groot voor zijn leeftijd, toen er in enkele weken tijd twee dingen gebeurden. Hij had zo’n mooie fiets, eentje met drie wielen en hij was zo lekker aan het fietsen dat hij de Zwijndrechtse brug over fietste naar het station in Dordrecht. Daar stapte hij op de trein. Ik weet niet meer of hij zijn fiets meenam in de trein of dat hij hem achterliet op het station. Gelukkig werd hij gespot door iemand die bij ons op school werkte en toevallig in dezelfde trein zat, want hij had niet kunnen vertellen waar hij vandaan kwam. Bij station Lombardijen heeft ze hem mee de trein uitgenomen en het in orde gebracht.(was in de tijd van voor de mobiele telefoons)
Enkele weken later gebeurde het volgende: De straat was opengebroken in verband met nieuwe bestrating. Toen de werklieden even koffie gingen drinken, is hij in de graafmachine gaan zitten, heeft het ding aan de praat gekregen en is ermee weggereden. Gelukkig kwam hij tot stilstand nadat hij twaalf geparkeerde auto’s had geramd en zijn er verder geen persoonlijke ongelukken gebeurd.

Dit was voorlopig mijn laatste ondeugende-kinderen-logje. Trouwens, over machines gesproken:vanmiddag ga ik een naaimachine kopen! Het wordt een Janone met een kniepedaal om het voetje op te tillen, eens peciaal quiltprogramma en met een extra grote ruimte om grote quilts door te schuiven. De tafel om hem erop te zetten, krijg ik erbij. Ik vond op Internet een instructiefilmpje over hoe je moet quilten op een naaimachine. En dan maar oefenen…..

Het is echt waar: je bent nooit te oud om te leren!!

Dit wordt een kort logje, want ik ben aan het werk, hard aan het werk. Voor de eerste keer in mijn leven heb ik zelfs een uittreksel gemaakt! In het Zweeds, want dan hoef ik die woorden en zinnen die ik verwerk niet iedere keer weer op te zoeken.
Ik, die altijd onder mijn schriftelijke opdrachten uitkwam, weigerde mijn huiswerk te maken, ik, die zelfs soms onderzoeksverslagen niet schreef omdat ik er zo’n hekel aan had, IK HEB EEN UITTREKSEL GEMAAKT VAN 12 BLADZIJDEN…en ik, ik vind het LEUK! Ik vind het leuk om een zweeds verslag te schrijven van 10 A4tjes over de tijd van 1815-1850. Het kost alleen veel meer tijd dan ik had gedacht. Ik kom er op mijn ouwe dag achter dat ik eigenlijk best wel ambitieus ben, dat ik het leuk vind om HOGE cijfers te halen….
Met Leo gaat het goed, langzaamaan, maar steeds iets beter. Hij gaat nog niet echt naar buiten(krijgt het dan te koud). Hij heeft het Julbord(traditionele zweedse kerstmaaltijd) voor morgen op de Universiteit afgeslagen, hij heeft een uitnodiging voor een belangrijke vergadering volgende week afgeslagen, hij moet nog niet aan werken denken maar hij vult de afwasmachine en de wasmachine wel en is meestal gewoon de gehele dag op. Soms slaapt hij weleens overdag, maar dan moet je nog maar afwachten of je ’s nachts slaapt. Zijn bloeddruk en temperatuur zijn goed, saturatie kan ik niet meten, maar die zal dan ook wel goed zijn. Het is erg gezellig om Leo zo om me heen te hebben…..
Verder beleven we niet zo veel, maar we hebben het wel naar onze zin…..
Ik ga snel weer verder….

Embryonaal geluksgevoel

Bij haar las ik net zo’n mooi stukje over ‘de flow’, zoals zij het noemt. Ze verwoordt precies het gevoel dat ik vandaag ook heb, gisteren ook al trouwens. Het is hier heerlijk weer met een gouden zon, met gouden bomen tegen een staalblauwe lucht of weerspiegelend in een hemelsblauw meer, met het vooruitzicht dat mijn vriendin volgende week komt met haar kinderen en dan gaan we leuke dingen doen. Ik heb vandaag een kookdag gehad. Ik heb goulash gemaakt van mijn eigen 4 paprika’s en vis met een saus, die ik vervolgens weer igevroren heb voor als ik een keer geen tijd heb om te koken.

10 minuten later zaten ze in de goulash....


Verder hadden we een referaat moeten maken als repetitie. Dan moet je een tekst van 600 woorden samenvatten tot 150 woorden maximaal. Je mag geen eigen mening geven, maar puur samenvatten zodat alle essentiële informatie erin staat. Dat kan ik heel goed in het nederlands, maar als je een taal nog niet voldoende kent, heb je juist meer woorden nodig omdat je de synoniemen niet kent. Verder schrijf ik altijd al heel langzaam en slordig. Ik ben pas gaan schrijven toen het op de computer kon. In ieder geval: ze had ons gewaarschuwd dat het referaat heel slecht gemaakt was. Dat kan kloppen: Ik kreeg het in ieder geval maar voor de helft af in twee uur. Tot mijn verbazing had ik een dikke voldoende toen ik het gisteren terugkreeg. Dat ik het niet afhad, gaf niet, want ze kon zien dat ik het principe begrepen had. Nou, dat ik het principe begrepen had, wist ik ook wel, maar ik was verbaasd en opgetogen dat zij het blijkbaar ook had gezien.
Hoe dan ook: ik heb weer eens even heel sterk het gevoel dat ik met vakantie ben in een prachtig bos. Ik heb een constant opgetogen geluksgevoel. Toen mijn oudste zus op de toneelschool zat, kwam ze met die term embryonaal geluksgevoel thuis. Het zou de herinnering zijn aan je verblijf in de baarmoeder, warm, veilig en gelukkig.
Even een paar fotootjes en voordat jullie gaan koeren: die kleuren zijn echt zo, niks opgeleukt. De zon staat natuurlijk heel laag en is heel geel. Dat versterkt het gele element in alles waar hij op schijnt. Het is echt ongelofelijk embryonaal



Het drama van het hoogbegaafde kind: Heb je net enthousiast je kop boven het maaiveld gestoken….

een nostalgisch rondje Hoekse Waard

Zaterdag heb ik zowel een leuke als een vruchtbare dag gehad. Het begon ’s morgens al. Bij een heerlijk zonnetje heb ik mijn houten voor- en zijpui schoongemaakt. Er zat allemaal groene algenaanslag op.
De schoonmakers vrijdag hadden fantastisch werk afgeleverd, maar hadden, behalve de ramen, niets aan de buitenkant gedaan.

Is toch de moeite van het schoonmaken wel waard hè?


Ik begon al om half negen en het duurde toch nog tot twaalf uur voor ik klaar was. Om half twee was de bezichtiging, dus voor die tijd moest ik mijn huis uit zijn.Toen ben ik maar wat boodschappen gaan doen in het dorp. Ik heb van de Irischeque die ik een poos geleden van een vriendin heb gekregen een mooie nieuwe Bijbel gekocht. Mijn oude Bijbel viel van ellende uit elkaar. Verder heb ik cadeautjes voor mijn nichtje gekocht en kraamcadeautjes voor weer een ander nichtje. Toen ben ik mijn oude bedrijfje en mijn oude collega gaan opzoeken. Ik heb veel meer spullen gekocht dan ik van plan was en heeeeeel gezellig bijgepraat. Ze woont midden in de polder en daarna wilde ik even naar Klaaswaal om nogmaals te proberen of mijn zusje thuis was. Ik kreeg geen contact met haar via de telefoon. Omdat het zulk mooi weer was, besloot ik via Mookhoek te gaan over de dijk. Ik hou zo van dat stuk Hoekse Waard. Daar staan prachtige huizen met prachtige tuinen langs die dijk tot aan Strijen, soms met een prachtige grote boerderij ertussen. Maar er was iets raars aan de hand. Ik vond het allemaal zo KLEIN! Het was allemaal zo bewerkt, ieder vierkante centimeter wordt benut, overal groeit wel wat en even later groeit er weer overal wat anders…… Ik kreeg gewoon heimwee naar Zweden, naar de stukken die je kan rijden zonder in cultuur gebracht land, stukken die je kan rijden langs een meer of door een bos en dan alleen die diepe stilte ervaren…… Ik weet het: bei uns ist alles besser, oftewel hos oss är alt bättre, maar zo voelde het echt! Nederland is af als een patchworkdekentje, er is geen echte wilde natuur meer in Nederland, behalve een stukje Veluwe en een paar stukjes Achterhoek en Friesland misschien.
Via Mookhoek reed ik Strijen binnen en toen kwam ik ineens op het idee om een oud-patiëntje van me te bezoeken om te kijken hoe het met haar gaat. Ze is nu tweeënhalf. Ik ben bij haar betrokken geweest vanaf vijf maanden omdat ze zich voortdurend verslikte en ook wel weigerde te drinken. We hebben erg getobd met dat meisje, omdat we er niet achter konden komen wat er aan de hand was. Ze slikte namelijk goed, maar daarna verslikte ze zich alsnog. Dat is heel erg raar!
Op een gegeven moment zijn we alle vloeistof gaan verdikken en hebben we brood gegeven. Dat ging veeeel beter, maar er was echt iets niet in orde. Na meer dan een jaar tobben bleek dat ze een hele zeldzame afwijking heeft, waardoor er een opening zit van de slokdarm naar het strottehoofd(zoals met een gehemeltespleet, maar dan lager), zodat het voedsel of de vloeistof alsnog de longen in kan vallen nadat het kind geslikt heeft. De arts die het ontdekte, was heel verbaasd dat het meisje niet allang ernstige longontstekingen had gehad. Als je geïntereseerd bent, moet je maar eens HIER kijken. Ik ga waarschijnlijk haar verhaal op die website zetten. Het was heel leuk om even bij te praten en het gaat heel goed met de beeldschone jongedame. Ze negeerde me straal en zwaaide me alleen enthousiast uit………
Daarna ben ik verder gaan dwalen door de polder. Eerst weer even bij mijn zusje langs (dat was al de derde keer deze week) en toen via Klaaswaal over de dijk naar Oud-Beijerland. Eerlijk gezegd miste ik de afslag naar Westmaas, maar toen bedacht ik me ineens dat ik wel even langs mijn vriendin Yvon kon gaan! Ik heb op haar oudste zoontje gepast vanaf zijn geboorte tot hij naar de basisschool ging. Hij is 8 jaar geworden inmiddels. Gelukkig had ik een auto vol bellenblaas en ik heb dus een greep gedaan in de achterbak voor hem en zijn zusje van vier. Leuke nieuwe bellenblaas hebben ze en de oude was ook al zo leuk! Het was een warm weerzien. Mijn vriendin komt in de herfstvakantie naar Zweden met haar kinderen. Helaas moet haar man werken……. lastig toch altijd dat werken! In het donker ging ik terug naar Puttershoek en kwam daar in een file terecht!!! Stom, stom stom, ik kan toch weten dat het bij Alcazar altijd razenddruk is om die tijd. De jongelui gaan dan net naar huis, terwijl de oudere jongeren dan pas komen. Toen ik hier nog woonde, hield ik daar altijd rekening mee en reed ik via een andere weg naar huis, maar nu was ik het even vergeten. Dat was een heerlijke dag. Ik ben mijn dochter heel dankbaar dat ik haar auto mag lenen deze week!

Gas voor een huis……

Toen ik in 1970 begon te werken, bestond alleen nog het klassiek autisme. Kinderen die nu bekend staan met als diagnose PDD-NOS of Asperger, werden vroeger ‘levensdebiel’ genoemd, een term die ik altijd belachelijk heb gevonden! Ik werkte op een MLK-school waar dus intelligente autistische kinderen tussen zaten. Heel goed kan ik me herinneren dat ik een jongetje kreeg waarvan ik aan het gehoor twijfelde. Ik liet hem dus met zijn rug naar het raam staan om te kijken of hij me kon verstaan, weet ik veel! Hij maakte er een hele vertoning van en ging zich verstoppen achter de gordijnen. Op een gegeven moment las ik hem een Dick Bruna-boekje voor en hij vulde steeds de laatste twee zinnen feilloos aan. Toen ik hem vroeg of hij het boekje kende, wees hij naar de letters en zei: “Staat daar” Hij kon gewoon ondersteboven lezen! Volgens mij wisten ze dat in de klas niet…
Later op de Mytylschool in Dordrecht kreeg ik een ander jongetje. Mijn materiaal bestond in die tijd uit 2 puzzels, een aantal boekjes en en houten huizenlotto. Met dat materiaal en veel verbeelding verzon ik allerlei spelletjes waarmee ik de woordenschat, de zinsbouw,de werkwoordvormen, lidwoorden, persoonlijke voornaamwoorden enz. en de articulatie (uitspraak) kon oefenen.
Deze jongen had een grote voorliefde voor 1 plaatje uit mijn huizenlotto: het gasfornuis! Hij noemde het gasfornuis steevast gas voor een huis en de ijskast noemde hij altijd eikast. Waar het woord fornuis vandaan kwam, wist ik niet, maar ik nam hem mee naar de keuken en liet het ijs zien dat aan het vriesvak vastzat. “IJSKAST” zei ik,terwijl ik op het ijs wees, “IJSKAST” Hij vertrok geen spier en wees op het vakje waar de eieren in passen: “EIKAST”, zei hij en daar moest ik het mee doen. Hetzelfde probleem hadden we met de stofzuiger, door hem genoemd ‘stofschuiver’. Ik liet hem zien hoe de stofzuiger het stof opzuigt, maar hij schoof alleen maar met de stang en zei “stofschuiver”
Hoewel hij steeds beter ging praten, heeft hij die drie woorden nooit overgenomen. Ik kan daar zo intens van genieten!
Zo kende ik ook een kind (later heb ik weleens gedacht dat hij misschien Asperger had) die weigerde het woord bloempot te gebruiken omdat in een bloempot geen bloemen staan, maar planten. Dan wees hij op een vaas en zei: “Dàt is een bloempot en dàt (wijzend op een bloempot) is een PLANTPOT.
Onze taal is gebaseerd op afspraken, maar sommigen weigeren zich aan de afspraak te houden.
Ik heb gemerkt dat leerkrachten vaak erg veel moeite hebben met kinderen die lak hebben aan afspraken en regels. In plaats van de humor in te zien van een kind die eikast tegen een ijskast zegt, ergeren ze zich en geven het kind het predikaat ‘levensdebiel’ Jammer, want je mist de kans om iets unieks te zien in iets wat afwijkt van het normale…….

Was het moeilijk om mijn baan op te geven? (Deel 17, Mariam)

Mariam(geen blog) die mij al een hele tijd volgt, had de volgende vragen:

Toen Leo zijn aangeboden baan in Zweden aannam (ik ben ervan overtuigd dat jullie dat besluit samen genomen hebben), lag het uiteraard voor de hand dat jij jouw praktijk en werk op moest geven. Hoe moeilijk was dit besluit voor jou?
Want ik heb ondertussen wel begrepen dat jij met heel veel plezier, inzet en overgave jouw beroep uitoefende. Het was niet alleen je beroep van logopediste, maar ondertussen was het een heel gespecialiseerd ‘bedrijf’ geworden, je levenswerk.

Ik heb altijd op het standpunt gestaan dat iets goed moet doen of je moet het niet doen. Ik heb met zeer veel plezier in de kinderrevalidatie gewerkt, met hart en ziel. Daarna, toen de oudste naar Middelbare School ging, merkte ik dat ik mezelf in een spagaat voelde komen. Ik zat op mijn werk en zij kwam in een leeg huis!. Ik wilde een een flexibeler rooster hebben, dus ben ik een eigen praktijk gestart. Daar kon ik werken op de uren dat de kinderen naar school waren. Ook daar heb ik met hart en ziel gewerkt, ik heb de Sensorische Integratie op logopedie toepasbaar gemaakt en veel uitleg en hulp kunnen bieden aan (o.a hoogbegaafde) kinderen met of zonder prikkelverwerkingsproblemen. Toen kreeg ik kleinkinderen. Ik heb altijd gezegd dat ik een dag per week op mijn kleinkinderen zou passen. Toen ik de 60 naderde, had ik 4 kleinkinderen. Dat betekende 2 dagen oppassen. Mijn lenigheid ging ook iets achteruit (ik kon niet meer van de trampoline koppeltje duikelend overeind komen, in de ballenbak moest ik helemaal in kruiphouding voor ik overeind kwam) en ik merkte dat het hebben van een praktijk, het hebben van een zaak en het oppassen te veel werd. En als je te veel doet, doe je niets meer goed. Dus toen ik 60 werd, heb ik een knalfeest gegeven (Op Pinksterzaterdag!!) en afscheid genomen als logopediste. 1 (één!) week later kwam Leo uit zijn werk met de vraag of ik er bezwaar tegen had om een paar jaartjes in Zweden te wonen. Zonder met mijn ogen te knipperen heb ik ja gezegd!! Alleen SIGMA moest dus nog overgedaan worden. Gelukkig wilde Marieke, die mijn praktijk overnam, ook SIGMA gaan doen. Het doet me wel deugd dat mijn levenswerk, zoals jij het noemt Mariam, door verscheidene mensen wordt voortgezet. Marieke heeft een logopedische praktijk met sensorische Integratie en heeft dus ook mijn handeltje overgenomen, maar mijn dochter Lieke geeft nu als ontwikkelingspsycholoog cursussen aan leerkrachten over hoogbegaafdheid!

Een vraag hieraan verwant, mis je je praktijk (het werken met mensen) of geniet je nu van alle dingen die je doet, waar je vroeger niet aan toe kwam?

Het tweede antwoord volgt uit het eerste. Als ik het doe, doe ik het goed. Ik heb me nu helemaal op mijn tuin en dit huis gestort en inderdaad, hier heb ik wel altijd van gedroomd. Wat ik eigenlijk voornamelijk mis is kinderen. Nu mijn zweeds beter wordt, kan ik ook met kinderen al aardige gesprekken voeren. Ik heb hier trouwens al een meisje behandeld, in het Zweeds met ouders die ook engels praten als het moet. Verder geef ik Jessica (mijn nederzweedse bijdochter) af en toe een adviesje links en rechts. In Nederland (als ik er ben), behandel ik ook af en toe een kind, dus ik doe nog wel wat. Ik heb ervan genoten toen ik nog werkte en toen ik er niet meer onvertogen van genoot, ben ik gestopt. Ik weet dat ik in een luxe positie zit wat dat betreft en ik ben er erg dankbaar voor dat ik het zo kan doen, dat wel.
Ik wil nog:
– een boek schrijven over mijn ervaring met kinderen en hoe bijzonder ze zijn,ik oefen af en toe op mijn blog
– een familiegeschiedenis schrijven,
– leren naaien op een naaimachine,
– mijn genealogie verder uitzoeken,
– van alles wecken en koken en vriezen en daarover bloggen,
– MIJN GASTENHUISJE SCHOONMAKEN EN VERVEN(misschien tweede Pinksterdag beginnen)
– enz. enz.

Van geest tot geest, van ziel tot ziel…..

Lang heb ik geaarzeld of ik dit logje zou schrijven. Het gaat over mijn ervaringen met een paar diep-gehandicapte kinderen. Ik heb ook ervaring met heel hoogbegaafde kinderen en daar zal ik een andere keer een logje over schrijven. Zoals de meesten jullie wel weten was ik logopediste (ben ik logpediste!) met als specialisatie: behandeling van problemen in de sensorische informatieverwerking (sensorische integratie is de oude term). Op een keer werd ik gevraagd of ik het zag zitten om een afweerbehandeling te geven aan een blinde, ernstig lichamelijk en verstandelijk gehandicapte jongen van 18 . Nu ben ik logopediste en een afweerbehandeling bij iemand die niet praat en waarbij het doel niet òf beter eten òf beter praten is, valt buiten mijn werk als logopediste. In eerste instantie heb ik dan ook geweigerd. De ergotherapeute, die het ook kon doen, zat op een andere locatie en was twee uur onderweg om met openbaar vervoer naar Oud-Beijerland te komen. De jongen raakte helemaal in paniek als hij aangeraakt werd en kon bijna niet meer verzorgd worden. Uiteindelijk ben ik accoord gegaan omdat het dagverblijf bereid was mij uit een apart potje te betalen, zodat het niet gedeclareerd hoefde te worden als logopedie bij de verzekering. Tenslotte was het geen logopedie.
Hoe leer je een grote, zware, blinde jongen aanraking te verwerken die dat helemaal niet kan verdragen? Het eerste wat ik ben gaan doen, is een liedje verzinnen dat ik altijd zong voordat ik begon met de behandeling. Ik zong het liedje en deed nog niks tot ik klaar was met zingen. Daarna begon ik met twee handen stevig te wrijven over zijn bovenbenen waar hij het ‘makkelijkste’ informatie kon verwerken. Langzaam ging ik al wrijvende naar zijn onderbenen en en voeten. Op de maat van het wrijven werd weer een ander liedje gezongen. Als ik klaar was met wrijven, drukte ik zachtjes de gewrichten een paar keer even naar elkaar toe en liet ze terugveren. Daarna ging ik de rug wrijven en drukken op dezelfde manier. Dan was het de bedoeling dat ik de armen ging wrijven, maar daar was hij heel gevoelig, vooral in de handen. Regelmatig raakte hij in paniek of kreeg kokhalsneigingen, dan moest ik weer terug aan de benen en de rug beginnen. In het begin duurde de behandeling wel drie kwartier, maar ik kreeg hem geen enkel moment overal ontspannen. Soms lukte het me om 1 arm + hand te ontspannen, maar bij de overgang naar de andere arm, raakte hij dan weer in paniek en trok met een ruk zijn net ontspannen arm weg. Normaal gesproken hanteer ik als norm dat ik stop als er in drie maanden nog helemaal geen resultaat is, maar bij zulke zwaar gehandicapte kinderen verdubbel ik mijn tijdspanne. Drie maanden waren voorbijgegaan en het enige resultaat was, dat zijn benen iets meer ontspannen raakten, maar zijn bovenkant was een ramp.
Toen ging ik met vakantie en hij precies achter mij aan. Ik heb hem toen 6 weken niet gezien. Bij terugkomst had ik verwacht dat ik helemaal opnieuw zou moeten beginnen, maar tot mijn stomme verbazing had hij ‘onthouden’ hoe het voelde en ook het liedje blijkbaar! Ik zong ook altijd een liedje als ik klaar was zodat hij wist wanneer het afgelopen was en dan raakte ik hem ook niet meer aan. Na een keer of drie, vier, lukte het me voor het eerst om hem helemaal ontspannen te krijgen met beide handen open. Toen gebeurde het: Ik zat met mijn handen in zijn handen en gaf er lichte druk in, zodat hij niet in paniek zou raken en zijn arm en hand weer optrekken. Ineens WAS hij er!. Ik kon als het ware DOOR de handicap heenkijken en zag de persoon daarachter! Hij reageerde en ik kan het niet anders zeggen: we hadden contact op een volwassen manier, buiten de taal om, buiten oogcontact om, maar ik kon met hem communiceren en hij communiceerde terug als een volwassen geest, als een volwassen ziel! Het was een diep emotioneel moment. Ik kreeg even zicht op een bijzondere, uiterst waardevolle geest, iemand die qua zuiverdheid en intelligentie ver boven mij stond, iemand die eigenlijk gevangen zit in een lichaam, waaruit hij als het ware nu even kon ontsnappen. Het allerraarste is nog wel dat ik zo’n soort contact, zulke momenten ook wel met hele hoogbegaafde kinderen heb gehad als ik (voor het eerst soms) hun eenzaamheid verwoordde en de problemen die dat met zich meebracht en ze dat erkenden. Die twee uitersten raken elkaar. Voor zulke momenten doe je het! Voor zulke momenten hou je vol en blijf je vertrouwen houden in de kinderen.
Zijn ouders en zijn twee broers herkenden wat ik hun beschreef. Zij hadden ook een enkele keer zulke momenten gehad. Na die tijd kon ik hem steeds sneller en makkelijker in zijn ontspannen toestand krijgen. Toen ik hem in vijf minuten helemaal kon ontspannen, heb ik de behandeling aan de groepsleiding overgedragen en ben ik gestopt. Ik vond het verschrikkelijk jammer, maar het was beter dat de groepsleiding het overnam, want die konden hem iedere dag en op ieder moment even ontspannen.
Het logje over het autistische kind dat mij ineens aankeek en mijn handen pakte, zal ik morgen of een andere keer vertellen.

Nog even over de lijst

Er zijn nogal wat vragen losgekomen n.a.v. de lijst. Dit is een kleine uitleg. Het is niet de bedoeling dat ik ELKE dag alles op de lijst doe, maar het zijn allemaal dingen die ik wil doen (ik heb overigens quilten er niet opgezet, na de verhuizing). Ik heb geen idee hoeveel tijd ik nu in van alles stop, dus dat wil ik eerst eens weten. De tweede fase is, dat ik kan kijken of ik sommige dingen kan limiteren in tijd en sommige dingen wat vaker op kan pakken. Er zijn natuurlijk dingen die beslist MOETEN (eten maken, huis opruimen en schoonmaken), er zijn dingen die af en teo moeten en er zijn dingen die ik graag wil doen. Het gevaar is natuurlijk ,dat je je aan een lijstje gaat vasthouden en niet meer kan genieten (haba), dat je ALLES op een lijstje wil afwerken in een dag of een week (Ilse), dat je geen vrije tijd meer overhebt omdat je op je lijstje kijkt wat je nog allemaal MOET.
Ooit (20 jaar geleden) heb ik ook een keer zo’n lijst bijgehouden, omdat ik per dag zo’n 5 uur ‘kwijt’ was. Het was onthutsend om te zien hoeveel tijd je kwijt bent met: even een telefoongesprekje, wassen, aankleden, tanden poetsen, jas aan en uit, naar de WC en domweg even wat eten.
Ik wil stomweg weten hoeveel tijd ik overhoud als je alle tijd die je toch kwijt moet zijn er af trekt. En ja, Lonneke, dat ben ik gaan doen n.a.v. iemand met tien kinderen die tijd overhoudt om al haar brood zelf te bakken en zelf jam en sap maakt en haar groenten inmaakt. Ik wil kijken of ik niet , nu ik in de natuur ga wonen, weer wat meer zelfvoorzienend kan worden. Ik wil ook kijken of ik niet ietsje efficiënter met mijn tijd kan omgaan zonder een slaaf van een lijstje te worden overigens. Maar ik denk dat iedereen die mij maar een BEETJE kent, weet, dat je daar niet zo bang voor hoeft te zijn. Ik vind overigens al jullie reacties wel erg leuk.